Buitenkunst 2015

18 juli 2015

Schoolreis

Alsof ik weer op schoolreisje moest, zo voelde ik me al dagen. Dat niet zeker weten of het wel leuk wordt dat langzaam maar steevast overgaat in zeker weten dat het afschuwelijk wordt. Lang van te voren iets vastleggen is niet goed voor mij. Veel te veel tijd voor gepieker en angsten. Als ik spontaan iets doe, kan ik die fase van opzien overslaan. Zoals vorig jaar toen ik ’s middags besloot naar Buitenkunst te gaan en een uur later in de trein zat. Dat was alleen maar leuk.

Dit jaar had ik me al in juni ingeschreven. Een paar factoren heb ik veranderd. Andere locatie, één discipline (zingen) en geen nepdeelnemer zijn die in een hotel voor nietszienden slaapt, maar het hele ding. Dit jaar slaap ik in een tent, ben ik bij alle kampvuren, alle avondvoorstellingen en wat er nog meer verzonnen wordt.

Het is jaren geleden dat ik heb gekampeerd en nu weet ik weer waarom we dat vroeger zo graag deden. Het is gezellig om in zo’n blauw koepeltje te liggen. Ik heb een perfecte plek, tegenover het sanitaire blok waardoor de hele Buitenkunstparade bij mij langs komt. Mijn schoteltje moet ik elk halfuur legen, daar kom ik dan even mijn tent voor uit. De rest van de tijd lig ik op mijn buik te spieden. Er wordt wat afgezoend hier, vooral voor het blok. Veel mensen kennen elkaar van vorige weken, denk ik. Ik ken nog helemaal niemand. Zometeen kom ik uit mijn spiedplek en ga ik vrienden maken. Mijn tactiek heb ik al bepaald. Ik ga de andere 1-persoonstentjes af met mijn mandje neutronenwafels.

Ik ben benieuwd hoe bang ik ben vannacht. Als Ipad maar niet flauw doet. We gaan het zien.

19 juli Koers

Zoals het een schoolreisje betaamt was ik uiteindelijk niet bang en werd het leuk en heb ik ondanks de grote koffer de verkeerde kleren bij me. Gisteravond fietste ik nog even naar Elburg. Tjonge, wat is het hier mooi! Bij het eerste bruggetje met uitzicht op het met zwanen bedekte Veluwemeer kwam ik de yoga’ende Caroline tegen. Alle Carolines zijn leuk. Deze ook. Ze leidt koren van psychiatrische patiënten in Amsterdam. Net toen ik me afvroeg of ze op ons ging oefenen vertelde ze dat ze deze week ging schilderen.

In Elburg was een wielerkoers bezig. Ik pikte aan op mijn halleluja. Omdat ze steeds hetzelfde rondje koersten was het niet zo moeilijk mezelf op kop te denken. Ik liet me een tijdje schaamteloos toejuichen om vervolgens verwijderd te worden door de dienstdoende bromsnor. Of ik niet snapte dat. Ja, natuurlijk snapte ik dat, maar ik stond onder spanning door de naderende inauguratie bij Buitenkunst. Had Bromsnor weer begrip voor, prent bleef uit. Toch weet ik niet zeker of ik me deze week nog wel in Elburg kan vertonen. Dat wordt dan wel een probleem, het is het enige stadje in de buurt. Misschien kan ik de capuchon van Caroline lenen.

Ik was op tijd terug voor de openingsceremonie. Het was een levendig optreden van de zichzelf voorstellende docenten, maar ik begreep er geen hout van. Verder ontdekte ik dat hier honderden mensen in alle soorten en maten zijn. Neutronenwafels heb ik niet nodig voor contact.

De sessies gaan zo beginnen. Ik heb geen klok nodig, ik zie het aan het zenuwengedoe rond het blok. Mensen vergeten de tandpasta uit de mondhoeken te vegen.

20 juli Kop

Vandaag moesten de zingenden kiezen tussen de Engelse, jazzy Lizzy en de Poolse, klassieke Anna. Lizzy lijkt me heel vaardig, maar ook erg streng. Bovendien gaat ze de heledag doen over een Italiaans lied. Ik kies voor de wonderschone Anna die rode krullen heeft die haar heupen bijna raken en een stem heeft waarbij we van onze banken vallen. Ze wil ons niet intimideren, maar soms moet ze even laten horen wat ze in huis heeft om uit te leggen wat ze bedoelt. Bijvoorbeeld als we meer energie moeten toevoegen als de melodie omhoog gaat.

Ik voel me altijd een beetje een loser als ik de kopstem moet inzetten, maar vandaag is het juist de bedoeling! We zingen Duits, we zingen Hebreeuws, we zingen Japans en alles op de kopstem. Ik ben het niet gewend en kan tegen lunchtijd alleen nog maar fluisteren. Het is maar goed dat ik die tijd met twee praatgrage Balkan muzikanten doorbreng. Hanno speelt electrisch gitaar en zou daarvan willen leven, maar moet elektrotechnisch bijklussen. Erik leeft van zijn saxofoon, maar wil liever een kroeg beginnen. Na de workshops wandel ik met docente Nederlands Marion die stemacteur wil worden. Wat is dat toch hier bij Buitenkunst?

Ik fiets voor het diner toch nog even naar Elburg voor een extra dekentje. Op de lange dijk word ik begeleid door heel kleine vogeltjes met lange staarten. Ze vliegen alsof ze op golven varen en wachten steeds even tot ik ze tot een meter of drie genaderd ben, dan vliegen ze weer een stukje verder. Net als ik me afvraag of het de vermomde drones van Bromsnor zijn, keren ze om.

In Elburg beieren de klokken en realiseer ik me dat het zondag is. Heel het dorp loopt uit voor de avondmis. De oudere vrouwen hebben hoeden op. Er zijn geen winkels open met dekentjes. Maar dat niet zo erg, ik ben al wat opgestoerd.

21 juli Ritmes

Vandaag koos ik Lizzy. Haar programma ging over ritmes, terwijl Anne opera ging instuderen. Ik was blij met Lizzy opwarmingsoefeningen die zich niet beperkten tot de stem. Het bleek dat ik gister wat optimistisch was geweest over het opstoeren. Wel was het een leerzame nacht, zo zonder dekentje. Ik heb bijvoorbeeld ontdekt dat je je beter kunt ontspannen om het wat warmer te krijgen, hoewel dat precies het tegenovergestelde is van wat mijn reptielenbrein doet. En veel t-shirts over elkaar aantrekken heeft een averechts effect.

Lizzy is heel even wennen, maar dan ongelooflijk leuk. Als we haar desgevraagd vertellen hoe we heten, vraagt ze streng: ‘Waarom?’. Haar strengheid is gein.Vandaag zijn er altpartijen, maar ik zing ook stiekem met de mezzo’s mee als er voor ons geen noten staan. Lizzy heeft alles in de gaten, maar zegt daar niets van.

Ik lunch weer met Erik en Rommert die de Nederlandse operette ‘Zoo’ instudeert, schuift aan. Het gesprek gaat over de documentaire rond performance artiest Marina Abramovic die gisteravond in de bar werd vertoond. Ik heb het einde niet gehaald, mijn disgenoten wel. Wat een oordelen vliegen er over de tafel, daar vind ik dan weer wat van.

Marlies biedt me een dekentje aan voor de komende nachten. Lief, maar ze weet niet dat ze me zo bijna berooft van een reden om weer naar Elburg te fietsen. Gelukkig heb ik de opdracht van Annemarie nog om te kijken wat er met de benen onder de brug is gebeurd.

In de middag moeten we van Lizzy zelf ritmes bij een nummer bedenken, in groepjes van vier waarbij iedereen wat anders moet doen. De andere drie van mijn groepje zijn het niet eens met mijn zes klappen in een vierkwartsmaat. Ik blijf het ze net zo lang voorrekenen tot ze er gek van worden en me láten. Bij de opvoering sla ik een adertje in mijn duim kapot, zo gaat dat dan.

Jammer dat ik zo weinig televisie kijk, nu kan ik bij het diner niet meepraten met Caroline en schooljuf Willy uit Rotterdam (die goddank tevreden is met haar beroep) over boer Richard die onder de deelnemers is gesignaleerd. Misschien zoekt hij weer een vrouw, er zijn er hier zat. In Elburg ben ik op mijn buik bij het bruggetje gaan liggen en toen zag ik het. Boven de benen houdt het op. Geen romp, geen hoofd, geen armen, niets.

22 juli Ssssenuwachtig

Lizzy zou harmonieles geven èn we zouden Boplicity meerstemmig instuderen wat weer mooi aansloot op de ritmeles van gister. Ze had er niet bij gezegd dat we dit ’s avonds in het theater ten gehore moesten brengen. Die aap kwam pas ‘s middags uit de mouw.

‘Het hoeft niet perfect, we gaan ons proces laten zien’, zei ze nog.

Het wordt een heel ingewikkelde show vanavond waarin Rosa mag openen met het demonstreren van een toonladder. Op de piano, want zingend gaat dat niet lukken met Rosa. Ze is namelijk toondoof. Dat is echt waar, ze heeft het er vaak over en vraagt ons haar te corrigeren als ze vals zingt. Het is een sociaal gezelschap dat Rosa graag wil helpen, ook omdat ze lief is, maar dit is onbegonnen werk

Anyway, na Rosa’s toonladder wordt er alleen nog maar gezongen en komt het serieuze werk. We zingen akkoorden en demo’en vervolgens in kleine groepjes aan de hand van bekende nummers welke akkoorden er allemaal zijn. En dan moet het soepeltjes overgaan in ons vierstemmig Boplicity. We moeten om tien uur vanavond openen met dit gebeuren en Lizzy wil niet meer repeteren van te voren omdat we daar maar zenuwachtig van zullen worden. Ik kan haar best aardig volgen, maar deze theorie snap ik totaal niet. Muzikaal zijn we dus zeker niet optimaal voorbereid, maar aan het uiterlijk wordt wel aandacht besteed. Of we allemaal iets wits boven de gordel willen aantrekken en een brilletje op willen zetten. Zou dit nog een verband hebben met het niet willen repeteren van Lizzy?

Gisteravond was er een experiment met een stuk van Wagner. Zou er soms elke avond een experiment zijn en maken wij daar deel van uit? Ik had geen tijd voor Elburg vandaag. Fiets kijkt verwijtend. Nog vijfendertig minuten, dan moeten we op.

23 juli Siya Hamba

Een collectieve muzikale verlamming, daar leden we aan gisteravond. Alleen Rosa’s toonladder lukte. De demo’s gingen nog, maar Boplicity was hilarisch slecht. Het publiek genoot toch en wij gek genoeg ook. Een ervaring om te koesteren.

Rommert van de operette blijkt dezelfde studie als ik gedaan te hebben, maar dan een paar jaar eerder. Zou ik nou ook operettes zijn gaan zingen als ik in de ICT was blijven werken? Boer Richard speelde wel erg goed saxofoon gisteravond in de Rock’nRoma band. Daarom is er twijfel gerezen of het hem wel is. We zouden het gewoon kunnen vragen, maar dat zou het opwindende gespeculeer maar verpesten. Stellen we dus uit.

Lizzy ging vandaag een klassiek stuk doen, Anna beloofde meerstemmige Afrikaanse liedjes waar we ook een beetje bij moeten dansen. Ik koos Anna.Voor de pauze kenden we de liedjes al heel aardig en in de pauze moesten we nadenken over bijpassende bewegingen. Timo, de enige man uit ons koor van vandaag, kwam langs onze tenten en stelde voor dat de vrouwen hun borsten vasthouden bij het zingen. Dat hij erbij zei dat hij het niet zelf had bedacht, maar had gehoord dat dit in Afrika gebruikelijk is, vind ik wat minder moedig. Op mijn vraag wat de mannen dan vasthouden bij het zingen gaf hij ook een minder dapper antwoord. Timo heeft conservatorium gedaan en toen de kappersschool van zijn vader overgenomen.

Overdag wordt overal op het Buitenkunst terrein geoefend. Als ik van het restaurant naar de zangtent van Anna loop kom ik steeds ploegjes zingende, musicerende of acterende mensen tegen die de moeilijke passages nog eens doornemen. Ik kan al horen dat het weer een interessant avond wordt. Jammer dat ik hier geen foto’s mag maken.

Wij gaan met onze Afrikaanse liedjes ook weer aan de bak. Timo’s choreografisch idee heeft het niet gehaald. Onze bewegingen worden passend, niet gewaagd. Beter. De teksten uit het hoofd weten zijn al lastig genoeg. Gelukkig repeteert Anna wel nog een keer van te voren. Elburg belde nog waar ik bleef. Weer geen tijd gehad vandaag.

24 juli Erbij

Buitenkunstdeelnemers hoeven hun energie nog maar over twee dagen te verdelen en durven wat royaler in hun daglengte te gaan zitten. Tel daar de ontlading na de optredens bij op die zorgen voor behoefte aan nazit. Zo komt het dat de avonden en de rij lege flessen langer worden, de rij voor de douches in de vroege ochtend juist korter.

Ons Afrikaans optreden gisteravond was geslaagd. Of een echte Afrikaan de tekst had verstaan betwijfel ik, maar we lieten, naar verluidt, een vrolijke, energieke show zien. Dit keer geen muzikale verlamming, maar choreografische verrijking.

Vandaag koos ik voor de masterclass van Anna. Het werd een prachtige dag! Wat kunnen mensen sprongen maken met een paar oefeningen. Zo geeft de ‘èh, èh, èh’ oefening met tong ver naar buiten uitgestoken onmiddellijk resultaat om de stembanden te sluiten. Alle deelnemers aan de masterclass hadden een probleem waar Anna een oplossing voor zocht. Het probleem dat ik dácht te hebben bleek geen probleem te zijn. Toen hebben we aan een uitbreiding van mijn stijl gewerkt. Uiteindelijk heb ik Autumn Leaves met een operastem gezongen. Het was of er iemand anders stond te zingen, zo vreemd was dit voor mij. Ontroerend was het ook.

Het is fijn dat ze het programma niet helemaal volproppen. Zo is er genoeg tijd om heerlijk door bos en veldjes te wandelen. Even weg uit het Buitenkunstdorp, even alleen, lekker. Er zijn leuke plantjes en beestjes die in de randstad al zijn uitgestorven. Ipad legt vast. Vanochtend raakte ik wel verdwaald, maar stuitte na enige tijd op een boerderij. Altijd link met waakhonden, maar de boer hield zijn beest in toom en bracht mij weer op het rechte pad. Tussen de middag raakte ik wéér verdwaald, nu in het Abbertbos. Als een soort troost landde er een buizerd in het greppeltje een paar meter voor me. Ik verjoeg hem te snel met mijn Ipadklik, maar kreeg wel een ingeving over de weg naar huis.

Of het allemaal nog niet genoeg was had kapper Timo nog een extra zanguurtje in de avonduren bedacht waarin iedereen die daar zin in had met zijn eigengemaakte nummers mee kon zingen. Dat werd bijna net zo’n feest als de bijzonder komische operette ‘Zoo’ die later die avond werd opgevoerd. Toen ik Rommert als dode apotheker zag stralen had ik weer zo’n spijt dat ik de ICT heb verlaten.

Het begint op te vallen dat boer Richard echt helemaal nooit in de buurt van vrouwen wordt gesignaleerd. Als ’t m is, is hij niet opnieuw zoekende in ieder geval. Laatste nacht in mijn blauwe koepeltje, een bijna ondraaglijke gedachte.

25 juli Abschied

Minke, die het kleine caravannetje achter mijn tentje bewoont, is de oudste deelneemster van Buitenkunst. Ze is al lang met pensioen en leeft nu met de seizoenen. Ze is weerexpert en wil op Ipad kijken naar de naderende depressie. Ze laat me zien dat er een groot, boos oog in zit en wat dat betekent. Foute boel. Het is beter niet tot morgen te wachten met vertrekken. Guido is gelukkig bereid me ’s avonds laat, na alle voorstellingen, op te halen.

Ik was uit de avocado’s gelopen, dus ik moest wel naar Elburg tussen de middag. Het was moeilijk me van Mendelsohn los te rukken waar we ons vandaag met Anna op hebben gestort.

Ik had graag mijn partij nog even op de piano gespeeld en opgenomen op Ipad zodat ik dat de hele lunch kon afluisteren, maar beide activiteiten paste niet in de tijdsspanne. Elburg was blij dat ik mijn neus liet zien. Ik ging snel bij de benen kijken. Ze waren ook blij. Het is moeilijk te zien onder dat donkere bruggetje, maar ik meende toch duidelijk te zien dat één voet een heel klein stukje werd opgetild.

Het stadje maakte zich op voor het slechte weer. Ik zag het al aan de zeilboten die met gestreken zeilen de haven binnenvoeren. De schipper van EB 39 was laat, zijn bruine zeilen wapperden nog. Zijn spanning was duidelijk af te lezen aan de weidse armbewegingen waarmee hij instructies gaf aan de bemanning. Verder zaten de terrasjes in Elburg bomvol, de toeristen wilden nog even genieten van de laatste zonnestralen.

Laatste avond. Dat betekent een hoop optredens. Wij mogen met Mendelssohn’s Abschied de schilderijententoonstelling openen. Eindelijk krijg ik Caroline’s kunstwerken tezien waar ze deze week zo hard aan gewerkt heeft. De regen is inmiddels begonnen. Tussen diner en de eerste voorstelling pak ik mijn spullen in en zet het in het blok zodat het niet nog natter wordt.

De gebakken mannetjes zijn heel geestig, ze spelen en zingen enkele gouden boekjes na. Het boort bij mij een stuk geheugen aan dat in de kleuterschooltijd moet zijn aangelegd. Er is een onbegrijpelijk stuk van het jongeren theaterlab, maar dat ging dan ook over chaos. Uitsmijter en hekkensluiter is wederom de Tarentino band. Ze zijn weergaloos goed. Bij elk nummer wordt de aankondigingsposter van de betreffende film getoond. Als ‘They call me trinity’ verschijnt, staat boer Richard op, legt zijn sax neer, doet een leren jasje aan, zet een hoed en donkere zonnebril op. Boer Richard wordt even Terence Hill en zíngt. Zijn stem klinkt minstens even sexy als zijn sax. Terwijl wij, buitenkunstenaars, genieten van zijn geluid, stel ik me even voor dat wij de koeien zijn in zijn megastal. Het klopt wel, dat beeld. Het is ‘m toch.

Als de band de laatste noot blaast, is het middernacht en hebben Guido en ik nog een klusje te doen. Snel zeg ik mijn vrienden gedag. We ontdoen fiets van voorwiel zodat het in de auto past en halen met de kruiwagen mijn kampeerspullen uit het blok. In de stromende regen rijden we over de onverlichte dijkjes naar het westen.